In november 2006 hoorde ik voor het eerst van de Kilimanjaro marathon: eerst 20 km door en rond Moshi, vervolgens 10,5 km Afrika’s hoogste berg op (hoogteverschil >300m) en er langs hetzelfde stuk weer af, om te finishen in het vervallen sportstadion van Moshi. Volgens een aantal loopsites een “extreme” marathon omwille van de warmte, de hoogte en het parcours… maar ook een hele mooie dankzij de Afrikaanse sfeer en de betoverende Kilimanjarotop die, als de bewolking het toelaat, boven de weg uittorent. Ook veruit de belangrijkste loopwedstrijd in Oost-Afrika, getuige daarvan het deelnemersveld met heel wat Tanzaniaanse en Keniaanse toplopers in voorbereiding op de Olympische spelen en andere wereldkampioenschappen en het prijzengeld van bijna 10.000 dollar.
Die wedstrijd dus wou ik eigenlijk vorig jaar al lopen… of zijn minst de helft ervan, de Kilimanjaro halve marathon. Die slaat de 20 km rond Moshi over en beperkt zich tot de 21,2 km op en af de Kili. Al drieënhalve maand had ik getraind toen ik, 3 weken vóór de wedstrijd vernam, dat ik de dag nà de wedstrijd in Londen moest zijn voor een arbitrage en dat ik dus de dag van de wedstrijd op het vliegtuig moest zitten. Daar ging mijn deelname. Het werd nog pijnlijker toen de route naar Londen boven de Kili bleek te liggen en de piloot ons daar enthusiast attent op maakte. Als een bende kleine kinderen zat iedereen met zijn neus tegen het venster gedrukt, behalve ik. Mijn rolluiken waren dicht, kutberg. Op de dag dat ik vernam dat ik naar Londen moest en dus de wedstrijd niet kon lopen, ben ik gestopt met lopen en sporten tout cours… gedurende 3 maanden, genoeg om 10 kilo bij te komen.
Aangezien ik niet meer in mijn kostuums kon en ik in Dar geen nieuwe Paul Smith, Prada of Hugo Boss kon vinden pikte ik in mei 2007 de draad weer op. Naarmate de kilo´s er weer afgingen en de conditie verbeterde zinde ik op wraak: ik moest en zou de snelste Belg in de 6-jarige geschiedenis van de Kilimanjaro halve marathon worden! Bij mijn eerste poging tot deelname zou dit geen probleem mogen zijn geweest. Tot dan toe had er immers nog nooit een Belg meegedaan. Gewoon finishen zou toen dus volstaan hebben om geschiedenis te schrijven. Maar het leven is ongenadig. In de editie van 2007 verschenen inderdaad 2 Belgen aan de start: ene Syl Arickx en een Godelieve Gehens. Beide liepen de wedstrijd uit: Syl werd 330ste in 2.24:23 en Godelieve 384ste in 2.37:23. Daar moest ik dus onder.
Begin oktober 2007 vatte ik mijn looptraining aan op basis van schema´s van kampioenenmaker Paul Van Den Bosch, ook gekend als trainer van Sven Nijs, Luc van Lierde en Marc Herremans. In de eerste weken 3,5 uur lopen, in de laatste weken tot 5,5 uren. Van 40 km naar 55 à 60 km per week. Vooral de trainingsomstandigheden hier maakten het zwaar. Elke dag opnieuw, meer dan 30°C en een vochtigheidsgraad boven de 90%, zelfs de beste hamam haalt dat niet. Buiten trainen was dan ook zo goed als ondraaglijk, tenzij je ´s morgens om 05.30 zou aanzetten… maar dan kwam ik meestal pas thuis, van kantoor uiteraard of een enkel keer van Q Bar of zo. Ik trainde dus altijd binnen, in de gym, op de loopband, zonder air-conditioning maar onder een plafondventilator … als ik tenminste het geluk had om één van de weinige machines te bemachtigen die net onder zo´n ding stonden. Maar zelfs dan was het meestal nog bloedheet, alsof mijn hersenen in een stoofpotje werden opgediend. Meermaals heb ik gedacht aan die ene scene in de film Hannibal Lector (het vervolg op Silence of the Lambs) waarin Anthony Hopkins de hersenen serveerde van zijn nog levende tafelgenoot. Halverwege de training dook ik dikwijls de douche in om af te koelen en tussendoor dronk ik gemakkelijk 3 liter water. Ook de meestal zeer slome Indiërs links en rechts van me werkten allesbehalve inspirerend, wandelend aan 3 of 4 km/u. Hetzelfde gold voor de TV’s die voor mijn neus gingen, de ene afgestemd op de CNN News, de andere op BBC World. Al die nieuwsuitzendingen, weerberichten en Bloomberg beurskoersen stuwen een mens vooruit, zeker wanneer je dan nog alleen maar naar de beeldjes kan kijken maar niet kan horen wat er wordt verteld. De luidsprekers in de gym zijn immers niet op het TV-circuit aangesloten maar op een soortement lokale Klara-zender. Ik verzin dit echt niet.
In topconditie en 13 kg vermagerd ben ik dan de laatste week voor de wedstrijd ingegaan. Tijdens deze week moest ik de training sterk afbouwen en veel koolhydraatrijke maaltijden eten. “Tapering” heet dat. Daardoor kan je het zogenaamde spierglycogeenniveau (de suikers in je spieren die tijdens het lopen de energie moeten leveren) tot 40% verhogen. Ik heb daarin misschien een beetje opdreven: 2 maal daags pasta, powerbars, bananen, sportdrankjes, etc… elke dag opnieuw. Resultaat: 3 kg bijgekomen in één week (die er al weer af zijn) en waarschijnlijk het hoogste glycogeenniveau van alle deelnemers.
Op donderdag ben ik naar Moshi vertrokken zodat ik al een beetje kon acclimatiseren. Bert, onze inwonende Nederlandse “adoptiezoon”, en Chantal, de fitste en snelste Tanzaniaanse uit mijn gym, reden mee. Op vrijdag gingen we naar het Keys Hotel om ons in te schrijven. We konden kiezen uit de hele marathon, de halve en een “Fun Run”, een rondje van 5 km door het stadscentrum van Moshi. Voor de hele marathon werden 250 inschrijvingen verwacht. Aan een tafeltje zat één dame om die te verwerken. Voor de halve marathon werden 5 keer meer inschrijvingen verwacht. Desalniettemin zat onder het bordje “Half marathon” ook maar één dame. Dat gold ook voor de “Fun Run”, één dame. Zij moest, net als alle vorige jaren, meer dan 3.000 deelnemers registeren. Dat heet Tanzaniaanse logika. Nadien gingen we met de auto het parcours verkennen. Na veel omwegen kwamen we uiteindelijk op de juiste weg terecht, zij het op 1 km van het hoogste punt waar we moesten keren. Op weg naar beneden stopte ik elke kilometer en nam ik notities over wat ik mijn achteruitkijkspiegel zag: een enkel stuk “vals plat”, meerdere stukken “stijl” maar de meeste “heel stijl”. Man, man, man … wat kwam ik hier zoeken? De moed zonk me in de schoenen. Een vriend van me, Michel Bonne, had me enkele maanden geleden nochthans gewaarschuwd: “Karel, je bent geen loper en je zal het ook nooit worden. Kruip toch gewoon in uwe zetel”. Hij had gelijk.
‘s Avonds besloten we ons over te geven aan het lokale nachtleven, het had toch geen zin meer. Nu Moshi by night is toch anders dan Dar es Salaam. Quasi geen toeristen, geen diplomatiek personeel, geen expats wegens een gebrek aan industrie en handel… wel heel veel blanke vrijwilligers en stagiairs, vooral Engelsen en Amerikanen. Prille twintigers die, vooraleer hun studies aan te vatten of net als onderdeel daarvan, hier de wereld komen verbeteren. Wijde broeken, JUST DID IT t-shirts (over het beklimmen van de Kili), lang haar, TEVA sandalen, kraaltjes hier en daar, Janis Joplin op de achtergrond, okselhaar, dromerige danspasjes, witte kantoenen BH’s, giechelen en tegelijk toch bezorgd kijken. Verzamelplaats bij uitstek van dit alles … de Glacier Inn. Ik stond erbij en had een déjà-vu van hier tot in Roemenië, bijna 20 jaar geleden, op bouwkamp met de VZW Bouworde. Niet dat we ernaar op zoeken waren, maar het viel toch vooral Bert op dat er nergens prostituees te bespeuren waren… of toch, we zijn er welgeteld eentje tegengekomen in disco La Liga… en we (vooal Bert uiteraard) herkenden haar nota bene. Ze kwam uit Dar en ze had voor een weekje haar territorium verlegd.
Op zaterdag gingen we terug naar het Keys Hotel om wat gekend volk uit Dar es Salaam tegen het lijf te lopen, om onze tegenstrevers te monsteren en omdat we eigenlijk niets anders te doen hadden. Het was er nog drukker dan vrijdag maar de tafelschikking was gelukkig ongewijzigd gebleven. Nieuw waren de vele kinderen die, inschrijvingspapier onder de arm, bij de blanke lopers 2.000 Tanzanian shilling (1,5 €) kwamen vragen om zich zogezegd ook te kunnen inschrijven. Het geld staken ze echter gewoon in hun zak waarna ze een tijdje uit beeld verdwenen. Als er zich een nieuwe lading lopers kwam aanbieden kwamen ze weer tevoorschijn en herhaalden ze hun truuckje. We gingen ook opnieuw het parcours verkennen, deze keer vanaf de voet van de berg. Ik nam opnieuw notities, in de hoop dat die mijn vaststellingen van de dag voordien zouden tegenspreken. Niet dus. Ik noteerde: 0-1,5 VP (vals plat); 1,5-2,5 HS (heel stijl); 2,5-3 VP; 3-4 HS; 4-5 S (stijl); 5-6 HS; 6-7 S; 7-8 S; 8-9 VP en 9-10,5 HS.
Terug op mijn hotelkamer rekende ik uit hoeveel minuten ik, aan een bepaalde snelheid, over één kilometer zou doen: aan 12km/u 5 minuten, aan 11 km/u 5,5 minuten, enz. Aan 7,5 km/u ben ik gestopt. Trager wou ik in geen geval gaan. Vervolgens tekende ik het profiel van de beklimming uit, als ware het de koninginnerit van de Tour de France. Op basis daarvan stelde ik mijn wedstrijdschema op. Mijn objectief was om onder de 2 uur te duiken: 70 minuten naar boven en 50 minuten naar beneden. Ik wou immers een grote marge nemen op de 2.24:23 van Syl, stel je voor dat er dit jaar achter mijn rug nog andere Belgen zouden deelnemen die zich op die tijd hadden ingesteld. Bovendien zou ik, op basis van de resultaten van de voorbije jaren, met een tijd van 2 uur bij de eerste 10 à 15 muzungus of blanken eindigen. Anders dan in de 20 km van Brussel waarin je elke kilometer (met uitzondering van de laatste 3 naar de finish toe) in principe aan dezelfde snelheid kan lopen, bepaalde ik, gelet op de wisselende hellingsgraad, voor elke kilometer een andere richttijd. Al die tijden noteerde ik op een stukje tape dat ik op het polsbandje van mijn horloge kleefde. Nooit gedacht dat mijn spiektechnieken uit het middelbaar bij de Broeders van Liefde in Zelzate nog ergens zouden toe dienen. ‘s Avonds gingen we nog pasta eten en nadien vroeg naar bed.
Zondagochtend stond de wekker om 05.30. Voor het eerst sinds onze aankomst in Moshi, hing er geen bewolking rond de top en konden we de Kilimanjaro bewonderen. Yes! De twijfel van de laatste dagen verdween voor een embryonaal vertrouwen in een goede afloop. Om 6h15 kwamen we aan in het stadionnetje waar de start lag. Ik waande me op een andere planeet. Voor de hele en halve marathon (te herkennen aan de kleur van hun rugnummer) zag ik alleen maar ranke, magere en snelle mensen met benen niet breder dan mijn armen en een kopje niet groter dan een handbal. Op de korte opwarmingstrook werd ik langs alle kanten voorbij gespurt. Ik moest opnieuw aan Michel denken. Ik zag ook wel normale mensen en zelfs veel Big African mama’s maar die bleken allemaal de Fun Run te lopen.
De marathonlopers vertrokken om 06.30, wij om 07.00. Het ging vlot. Ik concentreerde me gewoon van kilometer naar kilometer en liep telkens 20 tot 30 seconden sneller dan mijn richttijd. Ik ging een paar keer dood maar bereikte het keerpunt toch in 62 minuten, 8 minuten voor op mijn schema. De winnaar van de wedstrijd was toen al een kwartiertje binnen. In de afdaling had ik op de stijlste stukken hevige rugpijn maar ik beet door. In de laatste 5 kilometer draaide ik de turbo helemaal open en haalde ik nog 4 blanken in. Vooral de laatste daarvan schonk me veel voldoening. Die had immers zijn persoonlijke haas bij, voorzien van een rugzakje met energy drinks, power bars en al. Ik was sterk maar ook dat is relatief. Zo werd ik op kilometer 18 ingehaald …door de eerste marathonlopers! Onvoorstelbaar. Net voor het binnenkomen van het stadion werd ik aangemoedigde door Bert, wiens Fun Run er uiteraard al lang op zat, en een tiental ingehuurde tienermeisjes … “Carlos, WE LOVE YOU!!!”. Ik trok mijn buik in, rechtte de rug, veegde de pijnlijke grijns van mijn gezicht, stak een (afgebot) tandje bij en liep met een geforceerde glimlach over de meet: 1 uur 55 minuten en 3 seconden. Ik schreef aldus geschiedenis en ik mag me minstens voor een jaar de snelste Belg in de geschiedenis van de Kilimajaro halve marathon noemen. Eat that… Michel Bonne!
We hebben nog een paar uurtjes in het stadion rondgehangen. Lauwe pils van hoofdsponsor Kililmanjaro Beer gedronken. De meer dan 2 uur durende prijsuitreiking meegemaakt. Chaos troef. Zo werd de aankondiging van de winnaars van de hele marathon verwisseld met deze van de halve. Het regende ook klachten over wie nu voor wie was geëindigd. Er werd wat getrokken en geduwd in de tent van de wedstrijdjury en er kwamen zelfs foto’s aan te pas, genomen langs het parcours door willekeurige supporters, om aan te tonen dat juffrouw X juffrouw Y wel degelijk had voorbij gelopen. Zeker voor de eerste 10 plaatsen, waaraan prijzengeld was verbonden, was dat van groot belang. Vooral de Kenianen voelden zich tekort gedaan, onterecht trouwens. Rond de middag gingen we naar ons hotel terug om uit te rusten. Ik heb echter geen oog dichtgedaan. Ik had nog te veel adrenaline en zuurstof in mijn lijf.
In eerste instantie bleef mijn officiele ranking uit. Het bleek dat een aantal lopers gefraudeerd hadden en daardoor waren gekwalificeerd. De wedstrijdjury deed er vervolgens een week over om het eindresultaat te bevestigen. Van de 867 deelemers haalden 777 de eindstreep. De laatste deed daar 4:18:44 over, de eerste 1.04:54. Met mijn 1.55:03 eindigde ik 267ste overall en, wat mij betreft belangrijker want die Tanzainanen en Kenianen zijn echt wel hors categorie, 16de muzungu. Ik ben nog steeds geen loper maar diegenen die mijn tijd willen verbeteren zullen toch verdomd snel moeten kunnen lopen.
Ondertussen stond de tijd in Mtwara Close natuurlijk ook niet stil. Zoals eerder al gemeld, vertrok housegirl no. 2 Gloria enkele weken geleden op zwangerschapsverlof. Zij werd vervangen door ene Jane die we eerlijkheidshalve hadden ingelicht over de mogelijk korte duur van haar tewerkstelling. Ze had daar alle begrip voor. Nog geen week later moest Jane al verstek geven. Ze was zogezegd van een trapje gevallen en zou enkele dagen buiten strijd zijn. Nog een paar dagen later stuurde ze een nieuw berichtje dat ze voor onbepaalde duur out zou zijn. Jane werd dus vervangen door Marie, nu al ons vierde meisje op die post in enkele maanden tijd. Ondertussen hebben we van een ander persoonslid de ware toedracht te horen gekregen: op het moment dat Jane bij ons begon had ze ook een andere aanbieding, een job voor het leven. Ze was er echter niet van overtuigd dat het ook een leuke werkplek zou zijn. Ze begon derhalve bij ons en verzon de tijdelijke onbeschikbaarheid om op die andere plek te gaan proefdraaien. In het geval dat zou tegenvallen, kon ze zichzelf op miraculeuze wijze genezen verklaren en terug bij ons aan de slag gaan. Niet slecht gezien, maar allesbehalve eerlijk ten aanzien van ons. We hebben haar laten weten dat we haar veel succes toewensen op haar nieuwe plek. Ook onze nieuwe tuinman Christopher maakte het deze week bont. Al maanden besteedden Leen en hooftuinman Justin veel tijd en moeite aan hun, met grote houten balken afgebakende, kruidentuin: rosemarijn, citroengras, munt, peterselie, basicilum. Ondertussen stond het al 40 cm hoog en volgens Leen “waren er al moederplanten en vele jonge scheuten”. Christopher heeft het echter niet zo begrepen op hoogpollig onkruid. Zich van geen kwaad bewust, heeft hij zich deze week ontdaan van deze doorn in zijn oog … de volledige kruidentuin gewied en ontdaan van alle wortels. Hij heeft degelijk werk geleverd, er rest alleen nog een dorre woestijn. Leen zit nog steeds stil in haar hoekje te snikken. Tenslotte is ook onze voormalige nanny en dievegge Grace terug opgedoken. In Mbeya, meer dan 800 km ten zuiden van Dar, net aan de Zambiaanse grens. We kregen een telefoontje van haar Zuid-Afrikaanse vriend. Dat zij hem voor 3.000.000 Tsh (2.500 €) had bestolen maar dat hij haar had kunnen achtervolgen en tegenhouden met het geld op zak, dat hij haar had overgedragen aan de politie en dat ze ondertussen daar ergens in de gevangenis zit. Ik ben al op de kaart aan het kijken hoe we daar het best geraken om haar eens een bezoekje te gaan brengen.
Groeten, Karel
maart 9, 2008 om 11:22 am
IK ZIT NET ALS JIJ TE WACHTEN OP HET KLASSEMENT , GROTE KLASSE BINNEN DE 2 UUR , VOORLOPIG GEEN PASTA ZEKER ??
NOG EENS EEN DIKKE PROFICIAT JONGEN
XXXXXXXXXX MAMA
maart 9, 2008 om 6:09 pm
yessss !
Altijd in je geloofd…. die Bonne een vriend, pfoe !!
maart 10, 2008 om 7:41 pm
Waaauw! Ik graag op dit ogenblik nog geen km ver zonder te puffen en dan wel op vlak terrein en Bart gaat voor nieuwe kostuums.
maart 11, 2008 om 7:39 am
KLASSEMENT KILI RUN , KAREL DAELE TANZANIAAN ????
HOE BEN IK AAN EEN ZWARTE ZOON GERAAKT ? IS ER IETS DAT IK NIET WEET ??
XXXXXXXXXXXX KUSJE
maart 11, 2008 om 2:52 pm
Ehhh,
Ik herkende haar!! Hmmm
maart 12, 2008 om 4:50 pm
Schitterend resultaat Karel!
Volgend jaar de volledige marathon hé…
maart 15, 2008 om 11:42 am
Proficiat Karel, met je halve marathon,
Hier zijn je ook weeral druk aan het trainen voor de 20 van Brussel.
Ernie wil onder de 2.11 (met file aan de finish)
x
maart 17, 2008 om 4:09 pm
Ja Karel,
Een tijd van 1.55:03.
Wat daarvan te denken?
Wie had gedacht dat de leeftijd zelfs op jou een impact zou hebben?
Maar Leen schrijft dat voor de rest alles nog in orde is.
Uw genegen,
christophe
maart 30, 2008 om 2:40 pm
Club De Rechter Stratumseind
Today, Jamba (Jamster. com) released the first TV commercial for the Record Store Cats! The first airing will be in Sweden, so the voice- over may sound a bit funny…